Groeii vindt het belangrijk dat voor zowel cliënten als begeleiders duidelijk is hoe Groeii om gaat met incidenten tijdens de begeleiding. Groeii levert kwalitatieve zorg en doet haar uiterste best de zorgvraag van de cliënt en de kwaliteiten van de begeleider bij elkaar te brengen zodat er een veilige situatie ontstaat voor zowel de begeleider als de cliënt en er gewerkt kan worden aan de doelstellingen. Toch kan er zich een incident voordoen. Groeii wil hiervan graag op de hoogte worden gesteld, zodat de veiligheid van zowel de begeleider als de cliënt gewaarborgd kan worden.

Lees hier ons Agressie reglement

Wat verwachten wij van cliënten?

Ter voorkoming en bestrijding van incidenten verwachten wij van cliënten dat zij tijdens het intakegesprek melden dat zij of hun kind (dat in zorg komt) bekend is met agressie en zo ja, waar en wanneer dit voorkomt. Als de cliënt ten tijde van de aanmelding niet bekend is met agressie, maar er doen zich in de periode waarin de begeleiding plaatsvindt zware en/of gevaarlijke vormen van agressie voor, dan zijn ouders verplicht dit te melden aan de thuisbegeleider en de zorgcoördinator. Ook wanneer lichte agressie structureel voorkomt, zijn ouders verplicht dit te melden.

Wat verwachten wij van begeleiders?

De thuisbegeleider dient te beschikken over relevante telefoonnummers (ouders, noodnummer, kantoor en zorgcoördinator) gedurende de begeleiding. Het beschikken over een opgeladen mobiele telefoon met beltegoed (of abonnement) is daarnaast ook wenselijk. Als er sprake is van zware of gevaarlijke vormen van agressie of van het veelvuldig voorkomen van lichtere vormen van agressie, is de thuisbegeleider verplicht dit te melden bij de zorgcoördinator. Ook indien de cliënt ander gedrag vertoont dat door thuisbegeleider als niet wenselijk wordt ervaren, of als de begeleider (zelf) ziet of (van de cliënt) hoort dat de cliënt in de omgeving agressief wordt bejegend, moet de begeleider dit melden bij de zorgcoördinator. In het geval van incidenten wordt de begeleider verzocht om een Meldingsformulier Incidenten in te vullen.

Wat mag een begeleider van Groeii verwachten?

Als bij Groeii bekend is dat de cliënt agressief gedrag kan vertonen, wordt de begeleider hierin gecoacht door de gedragsdeskundige en/of de ouders. Nadat er een agressie-incident binnen de begeleiding heeft plaatsgevonden, ontvangt de thuisbegeleider altijd coaching van de zorgcoördinator of de gedragsdeskundige.
Een thuisbegeleider mag te allen tijde werk weigeren als hij/zij het werk of de omgeving als niet veilig ziet of ervaart. Dit dient altijd besproken te worden met de zorgcoördinator. Het kan hierbij bijvoorbeeld gaan om een situatie waarin de thuisbegeleider wordt gevraagd naar een afgelegen plek te gaan met een cliënt dat agressief gedrag kan vertonen. In dit soort situaties kan de cliënt of ouders van de cliënt gevraagd of geboden worden zelf aanwezig te zijn tijdens de begeleiding.

Soorten agressie

Verbale en non-verbale agressie

Lichte vormen:

  • Fel in discussie gaan
  • Beledigen
  • Uitschelden
  • Verwnsingen uiten
  • Schreeuwen
  • Middelvingen opsteken

Zware vormen:

  • Intimideren
  • Dreigende houding
  • Dreigen met fysiek geweld
  • Treiteren
  • Pesten
  • Stalken
  • Gezinsleden bedreigen
  • Discrimineren

Agressie met gebrukksvoorwerpen

Lichte vormen:

  • Schoppen tegen deuren
  • Tas in een hoek gooien

Zware vormen:

  • Met objecten gooien
  • Huisraad vernielen

Gevaarlijke vormen:

  • Bedreigen met mes, hond, gereedschap, pistool

Fysieke agressie

Lichte vormen:

  • Duwen
  • Fysiek hinderen

Zware vormen:

  • Slaan
  • Schoppen
  • Krabben
  • Bijten
  • Een kopstoot geven
  • Aanranden
  • Verkrachten
  • Besmetten
  • of ieder ander gedrag dat tot letsel leidt.

Getuige zijn van agressie

Alle vormen:

  • Aangrijpende verhalen horen of lezen (in dossiers) van mensen die slachtoffer zijn geweest van geweld. Getuige zijn van agressie tijdens de begeleidingssituatie tussen bijvoorbeeld ouders of ouders en kinderen. Begeleiders kunnen last krijgen van deze verhalen, kunnen ze niet van zich af zetten (secundaire traumatisering).

Wat te doen bij agressie?

Veilige situatie creëren: Indien sprake is van een zware of gevaarlijke vorm van agressie (bedreigend of gevaarlijk voor de thuisbegeleider), creëert de thuisbegeleider (en/of de ouders) zo snel mogelijk een veilige situatie voor zowel zichzelf als de cliënt. Een voorbeeld hiervan is het afzonderen van het kind in zijn/haar kamer.
Indien ouders niet aanwezig zijn bij de begeleiding, neemt de thuisbegeleider zo snel mogelijk contact met hen op, of met het noodnummer dat zij hebben opgegeven. Vervolgens neemt de thuisbegeleider contact op met de leidinggevende. Als de thuisbegeleider zich nog in de situatie bevindt, wordt per telefoon direct advies gegeven aan de thuisbegeleider. Indien de thuisbegeleider, de ouders of het kantoorpersoneel dat wenselijk acht, zorgen ouders ervoor dat zijzelf, of een andere voor de cliënt vertrouwde volwassene, direct naar de thuisbegeleider en de cliënt toekomen. Het is daarnaast mogelijk dat een medewerker van kantoor naar het gezin toekomt, om de thuisbegeleider op te halen en thuis te brengen. Als er sprake is van een zeer dreigende of levensbedreigende situatie, mag de thuisbegeleider altijd zelf contact opnemen met de politie.

Wat gebeurt er nadat er een incident heeft plaatsgevonden?

Na het agressie-incident neemt de thuisbegeleider contact op cliënt en/of diens ouders en de leidinggevende om het incident te bespreken. Er worden (nieuwe) afspraken gemaakt voor de omgang met agressie. Gedacht kan worden aan het opstellen van een op het kind/volwassene toegespitst dagprogramma of het opstellen van een agressiehanteringsplan. Daarnaast kunnen er voorwaarden worden gesteld aan de begeleiding (bijvoorbeeld: aanwezigheid van een ouder bij de begeleiding). Zo worden de situaties waarin agressie zou kunnen voorkomen geminimaliseerd. Deze afspraken worden schriftelijk vastgelegd en naar alle betrokkenen per gewone post of e-mail verzonden. De thuisbegeleider wordt in overleg extra gecoacht in het omgaan met agressie. Tevens kan worden besloten een agressieregistratietraject in te gaan.

Meldingsplicht
De thuisbegeleider is verplicht zowel agressie als (vermoedens van) pestgedrag en mishandeling, in welke vorm dan ook, altijd te melden aan de leidinggevende. Ook als de thuisbegeleider getuige is van agressie, moet hij/zij dit kenbaar maken bij Groeii. Vaak wordt vergeten dat ook een flinke scheldpartij als (lichte) agressie door ons wordt aangemerkt. Melden van dergelijke gevallen betekent niet dat er drastische maatregelen getroffen (moeten) worden, maar wel dat er vanuit Groeii extra begeleiding geboden kan worden voor zowel de thuisbegeleider als het kind/volwassene door middel van bijvoorbeeld een agressiehanteringsplan. Dit zal de kwaliteit van de begeleiding en uiteindelijk de ontwikkeling van het kind/volwassene ten goede komen.

Groeii kent twee soorten meldingen; de Melding Incidenten Cliënten (MIC) en de Melding Incidenten Medewerkers (MIM) .

  • Een Melding Incidenten Cliënten wordt ingevuld als er sprake is van zware of gevaarlijke vormen van agressie of van het veelvuldig voorkomen van lichtere vormen van agressie, moet hiervan melding gemaakt worden bij de gezinscoördinator of directie van Groeii.
  • Een Melding Incidenten Medewerkers wordt ingevuld als de cliënt gedrag vertoont dat jij als thuisbegeleider niet prettig ervaart of wanneer je in situaties komt die je niet prettig vindt. Je kan hierbij denk aan (seksueel) overschrijdend gedrag of een de plek waar je begeleiding hebt geboden.

Door het invullen van het formulier krijgt Groeii meer inzicht in de risico’s waardoor de hulpverlening nog beter afgestemd kan worden.

In welke situaties wordt de begeleiding tijdelijk stopgezet?

In sommige situaties zal de begeleiding acuut worden stopgezet. Dit zal altijd (bij ouders) aangegeven en toegelicht worden. Hieronder zullen de belangrijkste redenen voor het stopzetten van de begeleiding worden genoemd. Dit is geen uitgeputte lijst: er zijn meer situaties mogelijk waarin besloten moet worden de begeleiding stop te zetten. De begeleiding wordt stopgezet indien:

  •  De veiligheid van de thuisbegeleider ernstig in het gedrang komt (bedreiging met messen, begeleider wordt op kwetsbare plekken geslagen, etc.).
  • De thuisbegeleider zich niet meer veilig voelt of zich niet in staat acht, om te gaan met de problematiek (ook als bijvoorbeeld ouders zich agressief opstellen).
  • De ouders, volwassen cliënt of thuisbegeleider zich niet houden aan de met de thuisbegeleider gemaakte afspraken rond het hanteren van de agressie, of het uitvoeren van die afspraken bemoeilijken.
  • De ouders en/of volwassen cliënt de agressie en de impact daarvan op de thuisbegeleider niet serieus nemen.
  • De thuisbegeleider door de ouders of volwassen cliënt wordt ontraden contact op te nemen met Groeii, of indien de thuisbegeleider anderszins onder druk wordt gezet om de agressie niet te melden.

Overige uitgangspunten

Groeii is niet verantwoordelijk voor de schade die het kind/volwassene zichzelf of anderen toebrengt. Daarnaast streeft Groeii er altijd naar om met de ouders en de begeleider te zoeken naar een oplossing waardoor de begeleiding kan worden voortgezet. Groeii heeft het recht om melding of aangifte te doen bij alle strafbare vormen van agressie.

Heeft u als ouders van een kind of volwassen cliënt een klacht over (een medewerker van) Groeii, meld dit dan telefonisch bij uw begeleider of vul online het klachtenformulier in.